Afgelopen columns heb ik scherpe kritiek geuit. Maar als je me nou vraagt, geef eens wat positieve voorbeelden, dan breng je me in verlegenheid. Want feitelijk zijn die er niet, hoogstens wat dingen die in de goede richting gaan en de toename van de milieulast verminderen. Maar zaken die een netto positieve bijdrage leveren?
We leven ver boven onze stand. Hoe goed je het ook doet, we gebruiken veel meer energie en materiaal dan de wereld op termijn kan blijven leveren. Nog afgezien van de wereld zelf die instort als gevolg van al die ingrepen en veranderingen. Zie wat er onlangs in Nepal gebeurde. Wist u dat er in de Himalaya zo’n 50.0000 gletsjers zijn? Dus we gaan er nog de nodige zien instorten de komende tijd, met de nodige rampen als gevolg. En dat gebeurt niet alleen in ver weg, maar ook in de Alpen.
Dus feitelijk, als we echt iets positiefs willen doen, dan moeten we niet meer bijbouwen, niet meer techniek inzetten, maar vooral drastisch omlaag met de energie- en materiaalinzet. Zelfs als we alles met hernieuwbare grondstoffen zouden willen doen, dan kan de wereld nóg niet genoeg opbrengen. We zijn nu eenmaal met 8 miljard, hè! En allemaal willen we – terecht – onze levensstandaard.
Dus wat dan, wat is er positief? Als we niet meer boven vijf lagen zouden bouwen, of niet meer slopen, dan zou dat al positief zijn. Nou ja, tenminste verstandig en in ieder geval niet negatief. Wat dan wel…? Wat is positief, als we het over bouwen hebben?
Wat dacht u hiervan? Als alle pensionado’s nou eens voor een paar euro een leegstaand huis in Frankrijk zouden kopen en dat opknappen. En dat ze daar dan ook daadwerkelijk gaan wonen. Dat lijkt me zeer effectief, en misschien zelfs positief. Het mes snijdt aan meerdere kanten: de leefbaarheid op het Franse platteland neemt toe door minder leegstand, en de woningnood in Nederland verdwijnt als sneeuw voor de zon. Plus een enorme vermeden milieu-impact doordat we hier niet hoeven te bouwen!
Zet daar nou eens een stimuleringsregeling voor op! Een vertrekbonus. Ik noem maar wat. Hoewel het eigenlijk niks nieuws is. Drees zei het al in 1950: “Een deel van ons volk moet het aandurven zijn toekomst te zoeken in grotere gebieden dan het eigen land.” En Koningin Wilhelmina deed in datzelfde jaar ook een duit in het zakje: “De snelle bevolkingsgroei en de beperkte oppervlakte aan beschikbare grond vereisen een krachtdadige bevordering van de emigratie.” Uiteindelijk emigreerden toen een half miljoen Nederlanders. Gewoon opnieuw doen, zou ik zeggen.
Nou ja, toch nog een ‘positieve’ actie in eigen land dan: ik roep al jaren dat we niet het hele huis moeten renoveren en isoleren. Het is niet 365 dagen koud. Of warm. We moeten weer leren leven met het klimaat, en met de beschikbaarheid van energie. Niet proberen een heel huis van binnen op twintig graden te houden, 24 uur per dag, 365 dagen lang, en daarvoor alles uit de kast te halen qua technologie. Voor de gaskraan in de jaren zestig openging, hadden we dat ook niet.
Nu is die gaskraan weer dicht. En we moeten ons aanpassen. Als het koud is, trekken we ons terug in één ruimte die we op temperatuur houden. Compartimenteren dus, in plaats van inpakken. Het vergt enige aanpassing, maar wat is daar mis mee? Zelf heb ik weer schuifdeuren in de huiskamer laten plaatsen, zodat we die ruimte kunnen verkleinen en slechts een deel verwarmen. Daar hebben we het plafond van geïsoleerd. Dat scheelt al direct 40 procent aan energie.
En zowaar: een woningcorporatie heeft dat principe in praktijk gebracht! In Enschede zijn woningen volgens dat principe gerenoveerd, door woningcorporatie Domijn, in samenwerking met Saxion. De resultaten zijn ‘boven verwachting’. Dus: allemaal aan het ‘thermisch compartimenteren’!
Overigens, wat betreft die schuifdeuren: enige ontwikkeling is wel nodig. Ze zijn nog niet van dubbel glas, en niet kierdicht: hier is (weer helaas) een markt….
