Klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen leeft: ‘Ja, we krijgen het op de kaart’

Auteur zonder afbeelding icoon
Bouw en Installatie Hub
29 juni 2026
4 min

De hittestress slaat toe met de temperaturen van de afgelopen week. Dat ga je niet tegen met alleen een optimaal huis. Dat realiseert Claudia Bouwens zich scherp. Een groene buitenruimte speelt daarin minstens een even grote rol. Dat het haar als programmaleider lukt om de groene tuin en aandacht voor water ook daadwerkelijk een boost te geven, stemt haar vrolijk. 

Claudia Bouwens werkt bij NEPROM, de brancheorganisatie van maatschappelijk betrokken project- en gebiedsontwikkelaars in Nederland. NEPROM ontwikkelt met haar leden, en in nauwe samenwerking met de overheid, de ruimte voor morgen. Bouwens is nu namens drie brancheverenigingen (Bouwend Nederland, WoningBouwersNL en NEPROM) als programmaleider verbonden aan het Platform KAN en maakt deel uit van de kerngroep van KAN.

Claudia, om te beginnen, wat is KAN?
“KAN staat voor KlimaatAdaptief bouwen mét de Natuur. KAN is een platform waar partijen uit de sector kennis ontwikkelen en ervaringen delen op het gebied van klimaatadaptief bouwen, wateroverlast, hittestress, biodiversiteit en natuurwaarde. Het KAN platform richt zich daarbij expliciet op nieuwbouw. We trekken met de drie brancheverenigingen op om de voorlopers met elkaar in contact te brengen. We delen kennis, inspireren elkaar, organiseren excursies en noem maar op.”

Hoe is KAN ontstaan?
“In de nieuwbouw lag onze focus lange tijd vooral op de energietransitie. Voor een prijsuitreiking waren we op een gegeven moment bewoners van een heel geslaagd energiezuinig project aan het interviewen. Er werd een filmpje over het project gemaakt, en de bewoners vertelden hoe tevreden ze waren. Heel fijn natuurlijk, maar in het filmpje viel me opeens op dat de tuin van de betreffende woning helemaal betegeld was. Dat was een aha-moment. Je kunt ervoor zorgen dat alles in zo’n huis optimaal is, maar er is ook aandacht nodig voor de buitenruimte! En dat was een van de aanleidingen om met het KAN platform te starten.”

Weg met die betegelde tuin(en) dus!
“Precies. Bij DuurzaamDoor, het programma van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) waren ze gelijk heel enthousiast over het onderdeel natuurinclusief bouwen. Bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) waren ze vooral geïnteresseerd in klimaatadaptief bouwen en de wateropgave. Dat past natuurlijk bij elkaar en vraagt dus om een integrale aanpak. Problemen in de bouw en gebiedsontwikkeling worden nog veel te veel apart van elkaar en op een technische manier aangevlogen. Maar het is een kwestie van systeemverandering.”

Geef eens een voorbeeld?
“Als je het hebt over water, dan valt daar van alles onder. Wateroverlast door extreme regenval, maar ook de daling van de grondwaterstand, de stijging van de zeespiegel, de veiligheid van ons drinkwater, planten en bomen die water nodig hebben, de kwaliteit van het oppervlaktewater en nog wel meer. Dat heeft allemaal betrekking op elkaar en daar moet je dus breed naar kijken.”

“Maar aan de andere kant gaat het ook om details. In onze KAN Vraagbaak worden allerlei praktische vragen uit ons netwerk beantwoord door experts. Bijvoorbeeld: hoe houd je groene gevels duurzaam in stand, en: hoe detailleer je een afgekoppelde regenpijp in de particuliere tuin?”

Waar ben je nu mee bezig?
“Ik werk hard om de particuliere tuinen in nieuwbouwprojecten te vergroenen. Dat is een uitdaging. Je kunt erover schrijven en mensen adviseren, maar het is best lastig om dat goed te laten landen. Samen met betrokken partijen ontwikkelden we een methodiek waarbij bewoners op verschillende manieren worden geënthousiasmeerd. Door bijvoorbeeld een avond voor nieuwe bewoners te organiseren en daar een tuinarchitect te laten spreken, door workshops aan te bieden, door het in nieuwsbrieven van het project onder de aandacht te brengen. We willen duidelijk maken dat groen op meerdere vlakken waardevol is. Een groene omgeving heeft een positief effect op het welzijn van mensen, en het is natuurlijk belangrijk voor de biodiversiteit. Bovendien verkoelt een groene tuin; ook een groot voordeel. Als mensen dat beseffen, is de kans groter dat ze wel voor een groene buitenruimte gaan.”

En waar word je vrolijk van?
“Dat ik merk dat het onderwerp klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen is gaan leven. Bij de start van dit platform in 2020 vroegen we ons af: krijgen we dit op de kaart? Het antwoord is volmondig: JA. Ik hoor en zie het om me heen, er is echt meer aandacht voor. We hebben prachtige voorbeeldprojecten en een flink aantal daarvan is op de KAN-website uitgebreid beschreven.”

Licht er eens eentje uit?
“Dan noem ik graag het project GWL-terrein in Amsterdam dat in 1997 is aangelegd waar vroeger het Gemeentelijk Waterleidingbedrijf stond. Het is dus een relatief oud project maar in z’n opzet nog steeds goed. Bewoners spoelen er hun toiletten door met regenwater dat in enorme watertanks wordt opgevangen. Die voorziening is er toen al in opgenomen en het werkt nog steeds perfect. Gezien de klimaatverandering en de waterproblematiek zouden we dat volop in nieuwbouwprojecten moeten toepassen. Iets anders is dat GWL-terrein autovrij is en dat schept enorm veel ruimte voor groen. Er zijn volkstuinen, fruitbomen, zitjes, en dat doet heel anders aan dan de traditionele wijk.”

Hoe kan het nog beter?
“Als meer organisaties meedoen. Maatschappelijk betrokken projectontwikkelaars, bouwbedrijven, gemeenten, adviesbureaus, landschapsarchitecten, ecologen, stedenbouwkundigen én architecten; jullie zijn van harte welkom om je aan te sluiten. We zoeken vooral koplopers, enthousiaste mensen met een visie en met lef, die hun kennis graag willen delen. Samen tillen we klimaatadaptief bouwen mét de natuur naar een hoger plan.”